Kleinere gemeenten laten tonnen subsidie liggen om versneld extra woningen te bouwen

Veel kleine gemeenten in de provincie maken nog geen gebruik van subsidie van de provincie om versneld woningen te bouwen, terwijl ze daarmee een bijdrage kunnen leveren aan het oplossen van de wooncrisis. Dat is zonde, zegt Maaike Stoop van de provincie Noord-Holland tegen NH Nieuws. "Steden met een grote bouwopgave weten ons steeds beter te vinden, maar we zien dat kleinere gemeenten ons nog lastig bereiken."
Omdat de provincie ervan bewust is dat er snel veel nieuwe woningen moeten worden bijgebouwd, heeft ze de subsidieregeling voor gemeenten opgetuigd. Aanvankelijk gold die regeling alleen voor grotere zogeheten bouwgemeenten, later is die uitgebreid naar kleinere gemeenten.
Inmiddels kunnen dus alle Noord-Hollandse gemeenten aanspraak maken op de subsidie, al maakt de provincie wel onderscheid tussen kleinere en grotere gemeenten. Het subsidiepotje voor grotere gemeenten is groter, omdat die gemeenten doorgaans 'een grotere bijdrage leveren' aan het oplossen van de woningnood, vertelt Stoop aan NH Nieuws.
Expertise inhuren
De subsidie kan worden gebruikt om expertise in te huren die nodig is om woningbouwprojecten te realiseren. "Denk aan planeconomen, planologen of mensen met verstand van infrastructuur", aldus Stoop.
Wat die laatste categorie betreft moet er wel een duidelijk raakvlak zijn met woningbouw: het heeft dus geen zin om de subsidie aan te vragen voor advies over de aanleg van een weg, als die weg nooit zal worden gebruikt door bewoners van toekomstige nieuwbouwprojecten.
Al 6,5 miljoen naar grotere gemeenten
Zoals gezegd: grotere gemeenten als Haarlem, Amstelveen, Zaanstad, Purmerend, Haarlemmermeer, Hilversum en Hoorn weten de subsidiepot goed te vinden. Dat blijkt onder meer uit het feit dat er van de beschikbare 11,2 miljoen euro vorige maand al 6,5 miljoen euro was uitgekeerd. "Die subsidie wordt inmiddels goed gebruikt", oordeelt Stoop. Sterker nog, de provincie verwacht op basis van het de aanvragen die momenteel lopen dat het totaal beschikbare geld medio 2022 op is. 
Dat geldt in veel mindere mate voor de subsidie voor kleinere gemeenten, waarvoor de provincie een bedrag van 2,5 miljoen euro heeft gereserveerd. Elke gemeente in deze categorie kan jaarlijks maximaal 200.000 euro krijgen, waarbij wel de voorwaarde wordt gesteld dat de betreffende gemeente de helft van het gesubsidieerde bedrag uit eigen zak nog eens bijlegt (co-financiering van 50 procent).
De eisen voor kleinere gemeenten zijn minder streng zijn dan voor grotere gemeenten. Bovendien kunnen ze voor de aanvraag hulp van een extern bureau inschakelen. Ondanks al die 'voordelen', is het aantal kleine gemeenten dat een aanvraag heeft ingediend vooralsnog beperkt. Heemskerk, Waterland en Langedijk horen bij dat selecte gezelschap. 
In een eerder stadium van dezelfde regeling hebben onder meer Texel (2019), Den Helder (2019), Beverwijk (2020) Ouder-Amstel (2020) en Velsen (2020) subsidie aangevraagd en ontvangen. "Maar feit is dat het nog geen storm loopt", aldus Stoop.
Hand in eigen boezem
Waarom de kleinere gemeenten vooralsnog niet massaal in de rij staan om de subsidie binnen te harken, is vooralsnog gissen. Wel steekt de provincie de hand gedeeltelijk in eigen boezem, vertelt Stoop.
"We zullen het als provincie beter onder de aandacht moeten brengen", vertelt ze. Bovendien vermoedt ze dat sommige gemeenten zich laten afschrikken door het papierwerk dat bij de aanvraag komt kijken. "Daarom overwegen we nu kant-en-klare formulieren."  
Goed nieuws voor gemeenten die alsnog een aanvraag willen indienen: de regeling staat open tot 1 oktober 2024. 

06-11-2021 19:00
NH Nieuws